|
A |
| Actionscript |
| Actionscript is een scripttaal van Adobe (voorheen Macromedia) Flash. Door het gebruik van actionscript kunnen er (het woord zegt het al) acties worden toegevoegd aan animaties of filmpjes. Hierdoor kan men meer geavanceerde uitingen maken. Spelletjes die bijvoorbeeld met Flash zijn gemaakt bevatten allemaal actionscript. Op deze site vind je allerlei spelletjes die met Flash (en dus met het gebruik van Actionscript) gemaakt zijn. |
| Ajax |
Ajax (Asynchronous Javascript And XML) is een term voor het ontwerp van interactieve webpagina's waarin asynchroon gevraagde gegevens worden opgehaald van de webserver. Daardoor hoeven dergelijke pagina's niet in hun geheel ververst te worden. Ajax maakt gebruikt van de volgende technieken:
XHTML en CSS voor de presentatie volgens de standaarden van het W3C DOM (Document Object Model) voor het dynamisch tonen van informatie en voor interactie XML en XSLT voor de opslag, aanpassing en transport van gegevens. Soms vervangen door JSON (JavaScript Object Notation) XMLHttpRequest object voor asynchrone communicatie JavaScript om alles aan elkaar te binden. |
| Aliassen |
| Verkorte naam voor een of meer e-mail adressen |
| ALT tag |
| Tekst in een zin of woord welke meegegeven wordt aan een plaatje in de broncode. De tekst dient ervoor te zorgen dat bezoekers welke de plaatjes niet kunnen laden en dus niet kunnen zien, toch via tekst door de site kunnen navigeren. Wanneer men met de muis op een plaatje gaat staan verschijnt er, wanneer er een ALT tag (verkorte vorm van alternate text tag) is meegegeven, een ballon tekst boven het plaatje. |
| Anchor tag |
De anchor tag dient ervoor om links te leggen tussen documenten binnen een site, tussen sites en het leggen van verbanden binnen een document. De anchor tag dient ervoor om links te leggen tussen documenten binnen
een site, tussen sites en het leggen van verbanden binnen een document. Het hele internet bestaat uit aan elkaar verbonden pagina's via links. Heel letterlijk vertaald moet je zeggen dat de pagina's verbonden zijn met ankers. |
| AppleTalk |
| AppleTalk is een netwerkprotocol dat bij oudere versies van Mac wordt gebruikt. Tegenwoordig werkt Mac ook met TCP/IP-protocollen. |
| ASPI |
| Advanced SCSI Programming Interface - interface norm van SCSI-kaarten voor programmeurs. |
| Autodialer |
Computerprogramma dat opbelt naar een duur telefoonnummer, via welke men betaalt voor bijvoorbeeld porno. Soms installeert een autodialer zich ongemerkt, zodat de eigenaar met een mysterieus hoge telefoonrekening komt te zitten.
|
B |
| Bayesian spamfilters |
| Bayesian spamfilters leren van de e-mails die de gebruiker zelf als spam naar de prullenbak verwijst. Het systeem vergelijkt woorden en zinnen die in het weggegooide bericht voorkomen met het aantal keer dat deze woorden voorkomen in een nieuw bericht en bepaalt zo of het bericht spam is of niet. |
| Bittorent-methode |
| Zodra delen van het bestand gedownload zijn, worden deze automatisch aan andere gebruikers aangeboden. Daarnaast haalt een gebruiker die een bestand download, aanvullende delen van dit bestand bij verschillende mensen tegelijkertijd vandaan. In combinatie met het 'verplichte' uploaden creëert dit een netwerk waarvan de downloadsnelheden gemiddeld vele malen hoger liggen dan bij andere P2P-netwerken. |
| Blocklist |
| Een ip-adres dat op een blocklist staat, wordt door internetproviders die over de lijst beschikken, geblokkeerd voor alle inkomende en uitgaande e-mail. Men kan op een blocklist komen als men een open proxy of open relay server op de computer heeft of spam verstuurt. |
| Body tag |
De body tag, <BODY> en </BODY>, zijn veruit de belangrijkste tags in een HTML document. Tussen de body tags komt namelijk de werkelijke inhoud van je pagina te staan. Het woord de benaming van deze tag stamt daarom ook af van het woord ''body'', in het Nederlands ''lichaam''. De body tag komt tussen de <HTML> en </HTML> en na de </HEAD> tags.
Ook vind je in de body tag belangrijke informatie in haar attributen over bijvoorbeeld de achtergrondkleur
en de tekst. Hieronder een zestal attributen die in de body tag hoen:
* background; hiermee zet je een plaatje in de achtergrond van je pagina
* bgdolor; hiermee geef je de achtergrond van je pagina een kleur
* text; hiermee kun je de standaard textkleur van je pagina aangeven
* link; hiermee kun je de kleur van de links op je pagina aangeven
* alink; hiermee kun je de kleur van de actieve links op je pagina aangeven
* vlink; hiermee geef je de kleur van de geklikte links aan |
| Bootp |
| Protocol om in een netwerk een disketteloze computer te starten. |
| Breadcrumb |
Een breadcrumb is een horizontale opsomming van links waar je op kan klikken om te navigeren op een website. Deze navigatie wordt vaak bovenaan een website geplaatst.
De breadcrump navigatie heeft vooral aan populariteit gewonnen door de zoekmachines. Het is namelijk vaak zo dat je via een zoekmachine niet op de home-pagina van een website binnenkomt. De breadcrump navigatie zorgt er dan voor dat een gebruiker weet op welk gedeelte van de website hij zich bevindt. |
| Broncode |
| De Broncode is de code van een computer programma dat in een programmeertaal is geschreven. Dit kan bijvoorbeeld in "Pascal" zijn, of in HTML. Broncode is in populair gebruik ook een ander woord voor de HTML code van een pagina. Dit wordt ook wel "source" genoemd. |
| Browser |
| Een browser is een applicatie waarmee webpagina’s kunnen worden bekeken. Een goed voorbeeld van een bekende browser is Microsofts “Internet Explorer”. |
| Browser hacking |
| Het kapen van de browser, waardoor bijvoorbeeld bij het opstarten van de browser een onbekende internetpagina verschijnt. |
| BS2000/OSD |
| Mainframe operating systeem ontwikkeld door Siemens. |
C |
| Cameratelefoon |
| Mobiele telefoon met ingebouwde digitale camera. |
| Challenge response |
| Anti-spam techniek waarbij de afzender eerst een opdracht (challenge) moet uitvoeren, die vaak bestaat uit het geven van een correct antwoord (response). Pas daarna wordt het e-mailbericht afgeleverd. |